Solidariteit is een groot goed als het gaat om het betalen voor gezondheidzorg. In ons verzekeringssysteem zitten meerdere soorten solidariteit versleuteld.
1. Jong betaalt mee aan oud. Iedereen die werkt betaalt over een deel van zijn inkomen premie. Vanaf 18 jaar betalen jongeren bovendien een nominale premie waarmee de zorg – die voornamelijk bij ouderen terecht komt – wordt betaald.
2. Rijk betaalt mee aan arm. De premie voor de zorgverzekeringswet is 50% inkomensgerelateerd. Dat deel en de complete premie voor de AWBZ loopt via de belastingdienst. Bovendien is er een solidariteitsoverdracht georganiseerd via de zorgtoeslag voor lagere inkomens.
3. Gezond betaalt mee aan arm. De premie voor de AWBZ en voor de basisverzekering in de Zvw is compleet onafhankelijk van het feit of mensen ziek zijn of daarop een groot risico lopen. Bovendien is via de acceptatieplicht geregeld dat iedereen, chronisch of incidenteel ziek of volkomen gezond, een zorgverzekering kan afsluiten. Voor de aanvullende verzekeringen geldt dit niet, maar door pakketbeslissingen geeft de politiek aan dat hier een ander solidariteitsregime aanvaardbaar is.
Vandaag schrijft het CBS in haar Webmagazine over solidariteit en gezondheid(szorg): “Ruim de helft van de Nederlanders vindt dat rokers en mensen die veel alcohol drinken een hogere premie voor de zorgverzekering zouden moeten betalen. Voor ouderen, mensen met een niet zo goede gezondheid en mensen bij wie genetisch is vastgesteld dat ze een grotere kans op ziekte hebben, hoeft de premie daarentegen niet omhoog.”
Al weer enige jaren geleden blies de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) de discussie over solidariteit in de gezondheidszorg nieuw leven in. Het signalement “Houdbare solidariteit in de gezondheidszorg” (RVZ, 2005) werd destijds voorzien van empirische onderbouwingen over de afkalvende bereidheid van burgers om zorgpremie te blijven betalen voor anderen, als ze zich bewust ongezond gedroegen. De RVZ stelde: “Als we de solidariteit in onze gezondheidszorg – tussen jong en oud, tussen gezond en ziek – willen behouden, dan moeten we daar stevige voorwaarden aan gaan verbinden.” Daarbij introduceerde de RVZ het concept van “voorwaardelijke solidariteit”. Dat gaat uit van het principe: ik ben bereid solidair te zijn met mensen die zich – net als ik – gezond gedragen. Je verwacht dat de roker na een longtransplantatie stopt met roken, anders verspeelt iemand het recht op een volgende transplantatie.
Het verhaal werd in 2005 nog tamelijk kritisch ontvangen. “Solidariteit is zo belangrijk, dat mag je niet ter discussie stellen”, was een veelgehoorde kritiek. Uit de vandaag verschenen CBS gegevens blijkt echter dat de meerderheid in Nederland het beu is om bewust ongezond gedrag klakkeloos onder te accepteren.
Solidariteit is zo belangrijk, dat moet je juist ter discussie durven stellen om het te borgen voor mensen die het verdienen!
Responses to “Groeimodel voorwaardelijke solidariteit”